Nationaal Park Zuid-Kennemerland
Over
Nationaal Park Zuid-Kennemerland ook wel Kennemerduinen genoemd is het jachtgebied van de jachtobziener/duinopzichter die daar woonde en werkte in het duin gebied.
Onze voorouders komen hier vandaan en stammen van deze mensen af, hebben hier gewoond, gewerkt en geleefd in het duingebied, maar er hebben er nog veel meer families in het hele duingebied gewoond en gewerkt van waar de man de vader dus jachtobziener/duinopzichter was en de vrouw de moeder zorgde voor de kinderen en het hele gezin. Je woonde hier met 9-11 familieleden in de duinboerderij die niet groot waren samen met de kinderen. Moeder zorgde voor het hele gezin dus omdat vader elke dag 8-10 uur op jacht was op zoek naar stropers die illegale praktijken uitvoerde in de duinen ging op pad samen met zijn broers en alle andere mannen binnen het gezin die dat ook waren en alle vrouwen zoals moeder zorgde met de tantes en oma voor de kinderen, naaiden kleren of werkten waarscheinlijk in de blekerij waar ze linnen (kleding) bleekten waar de naam Bleek & Berg van naar vernoemd is als je het bord bij de ingang ziet staan van Nationaal Park Zuid-Kennemerland ingang Bloemendaal.
Vrouwen deden dus vooral huishoudelijke taken en eten koken, zorgen voor de kinderen in het gezin, gezinnen waren in die tijd gelukkig toen zei in de duinen leefden en leefden heel close met de duinen, sommige van het gezin bleven dus ook wel eens hele dagen door thuis waar dus de mannen weg waren 8-10 uur lang per dag met de andere mannen binne. Het gezin en kwamen thuis met duin konijn waar je van savonds de hageltjes van uit spuugden op je bord of je at hert. Ze prepareerden dieren ook in de schuur naast het huis en hadden een varkensstal waar ze varkens houden. Ook werd er aan huis dieren geprepareerd.
Vrouwen hielden de moestuinen bij waar de duinaardappels werden gerooit allemaal nog in streekdracht want het grondwater niveau was prima want er waren geen kanalen waar later Amsterdamse Waterleiding Duinen ze wel kregen en geen aardappels meer konden verbouwd worden, ook wel duinpiepers genoemd, en als de mannen dus thuis kwamen van oppaken van de stropers die illegaal dieren stroopten in de duinen stond het eten klaar en at je met 11 aan tafel.